Mona Hatoum koos de Cisterna voor haar solotentoonstelling bij de Prada Foundation. Het gebouw dateert uit 1909, toen het werd gebouwd om drie opslagtanks van de distilleerderij te huisvesten. Die industriële functie is al lang verdwenen, maar de architectuur blijft: drie imposante kamers met hoge plafonds en dikke muren. Hatoum plaatste in elke kamer een groot werk.
De tentoonstelling draagt de titel (Boven, onder en ertussen) uit de fysieke relatie die bezoekers met de installaties aangaan. De zinsnede verwijst naar het lichaam, beweging, ruimtelijk bewustzijn. Hatoum wil dat kijkers niet alleen opmerken wat ze zien, maar ook waar ze zijn en hoe het werk hen omringt.
Zijn overgang van performance en video naar installatie en sculptuur vond plaats begin jaren negentig. Sindsdien werkt hij met geometrie en minimalisme: kubussen, bollen, rasters. Het bouwt systemen door middel van herhaling en serialiteit. De werken zien er vaak schoon, elegant en visueel aantrekkelijk uit. Maar ze suggereren ook gevaar, ongemak en kwetsbaarheid. Hatoum omschrijft zijn praktijk als een ‘open systeem’: iets dat de kijker zelf kan interpreteren. Het verzet zich tegen vaste betekenissen. Hij wil dat het werk paradoxen, tegenstrijdigheden en meerdere lezingen bevat. Hij wil flow, geen afsluiting.



